Omdat een brandweermens bij de redding en blussing in gevaarlijke en mensvijandige omgevingen moet kunnen werken, is het zaak te zorgen voor een goede bescherming. Want de brandweermens moet tenslotte ook zo veilig mogelijk zijn onveilige werk kunnen doen.
Bij de blussing van branden moet hij beschermd worden tegen vuur, hitte, vocht en kou. De zogenaamde 'uitrukkleding' moet die bescherming allemaal kunnen bieden.
Bij het redden van mensen en dieren uit het water moet de duiker eveneens beschermd zijn, vooral tegen kou en vies water.
Bij ongevallen met gevaarlijke stoffen of gassen moet bescherming geboden worden tegen giftige of bijtende stoffen.
Bij technische hulpverlening moet bescherming zijn tegen vonken, glasscherven en gereedschap als motorkettingzagen, slijpschijven, enz.
Voor dat alles beschikt de brandweermens dan ook over aparte kleding, om in alle mogelijke situaties optimaal te kunnen werken.
Daarnaast moet goed gereedschap ter beschikking zijn. Veilig, sterk en betrouwbaar. Dat geldt zowel voor de zaklantaarn als de hydraulische vijzel.